Klik HIER om naar de nieuwe site www.bethesda.be te gaan
.

 

EEN PAGINA OM AF TE DRUKKEN !


Terug naar BETHESDA 


Boosheid -- wat doe je ermee?

"Herodes, de boze koning, wachtte ... Maar de wijze mannen uit het verre, vreemde land kwámen niet.... O, toen werd hij zo boos en zo bang. Hij balde zijn vuisten van boosheid. En hij zeide: "Ik zal die jonge koning toch wel doden !" ... De Here in de hemel wist wel, wat de boze koning doen wilde. De Here weet àlles. Hij weet ook de boze dingen, die de mensen bedenken, heel stil in hun hart."*  

Zomaar een fragmentje uit de kinderbijbel waarmee ik opgegroeid ben. Die is inmiddels al wat verouderd en wordt nu waarschijnlijk niet veel meer gebruikt. Maar de gedachtengang waar deze kinderbijbel van uitgaat is ons, evangelische christenen, nog heel vertrouwd: "je hebt slechte mensen, die "boze" dingen doen, maar je hebt ook mensen die God om vergeving vragen en dan neemt Hij de boosheid weg uit hun hart."  
Slechtheid en boosheid hebben we door de jaren heen aan elkaar leren koppelen. In boosheid doen mensen immers slechte dingen. Boosheid hoort niet bij een christen: als christenen moeten we anderen vergeven vóórdat we boos worden, en zachtmoedig en vriendelijk zijn.  
Nu is het rare, dat boosheid zich toch niet helemaal laat uitvlakken. Hoe we ook ons best doen om een goed christen te zijn, we schieten soms wel uit onze slof. En als dingen misgaan of als mensen ons kwetsen, voelen we toch op z'n minst iets stormen van binnen. Dat is toch ook normaal, zeggen we dan. Maar we kunnen maar beter niets laten merken, want anders krijg je de poppen aan het dansen. En stel je voor dat je de controle over jezelf verliest. Toch voelen we ons er inwendig niet altijd goed bij. En als die irritaties of die pijnlijkheden in relaties blijven duren, kunnen we met die boosheid echt in de knoop raken.  

In gesprekken met mensen komen we zelfs veel tegen, dat mensen niet (meer) weten wat boos zijn is, zelfs als ze lijden onder bepaalde situaties 
Vrouwen die gekleineerd of mishandeld zijn door hun vader vroeger of door hun (ex-)man. Mannen die zich jarenlang klemgezet voelen door hun vrouw. Ze zitten er gelaten bij, murw en zonder gevoel van eigenwaarde. Ze zijn depressief geworden, lijden onder allerlei lichamelijke klachten, en zitten vaak vast in schuldgevoel en zelfhaat. Ook hun andere relaties lijden er vaak onder. Ze kunnen ook ongenietbaar zijn, zelfs agressief.  

Het lijkt trouwens wel of vrouwen in het algemeen moeite hebben met boosheid. Boosheid bij vrouwen is ook minder geaccepteerd in de maatschappij, terwijl mannen dan weer niet verdrietig mogen zijn. Vrouwen richten hun boosheid vaak maar tegen zichzelf (verzorgen zich niet, gaan over-eten, leven in zelfverwijt), of worden depressief, houden zich op de vlakte of hebben soms ongecontroleerde uitbarstingen. Dit komt heel veel voor.  

Wat is hier aan de hand? Zijn uitbarstingen, is agressie dan niet hetzelfde als boosheid, en is dat niet verkeerd? Moeten mensen niet juist hun boosheid afleggen en nog meer leren verdragen?  
Nee, boosheid is niet altijd agressie. Agressie is een uitingsvorm (die met boosheid te maken kan hebben). Boosheid is een emotie (die op allerlei manieren tot uiting kan komen). We kunnen vier basis-emoties onderscheiden: vreugde, verdriet, angst, boosheid. Boosheid is misschien wel de moeilijkst hanteerbare, zeker voor ons als christenen. Maar als boosheid inderdaad een emotie is, dan is het belangrijk om daar eens naar te kijken en die, zoals de andere emoties, te leren een plaats te geven.  
   

De ene boosheid is de andere niet.  

Boosheid kan zich voordoen in allerlei vormen. Ook in de bijbel zie je dat. Kent u bijvoorbeeld dat verhaal van koning Achab die de wijngaard van Nabot wilde hebben en niet kreeg? Toen werd Achab "gemelijk en toornig" en hij ging op bed liggen met zijn gezicht naar de muur en wilde niets eten (1 Kon. 21:4). Net een kind, zou je zeggen. Hij was echt boos omdat hij zijn zin niet kreeg. Daarnaast zien we Mozes die de berg af kwam met de stenen tafelen met de Tien Geboden en het volk om het gouden kalf zag dansen. In brandende toorn gooide Mozes de tafelen kapot (Ex. 32:19). Toorn om Gods zaak.  
Ook in psalmen en bij profeten zien we die toorn soms. En dan lezen we in het Nieuwe Testament dat Jezus de verkopers en wisselaars met boosheid uit de tempel verdrijft (Joh. 2: 13-17). Daartegenover horen "uitbarstingen van toorn" bij de "werken van het vlees", zegt Paulus in Gal. 5:20. Bekend is ook de tekst in Ef. 4:26: "Geraakt gij in toorn, zondigt dan niet".  
Er zijn dus verschillende soorten boosheid. De ene soort is de andere niet.  
Met de ene soort boosheid kun je dan ook beter ànders omgaan dan met de andere.  

Het is dus heel belangrijk om te weten met welke vorm van boosheid je te maken hebt, om te weten hoe je ermee kunt omgaan. Daarbij zeg ik wel meteen dat boosheid iets complex is, en dat je niet altijd scherpe scheidslijnen kunt trekken. Verschillende soorten boosheid kunnen tegelijk een rol spelen. Toch kunnen we, om er zicht op te krijgen, de volgende soorten onderscheiden:  

1) boosheid vanuit een moeite met teleurstellingen en frustraties  
We zagen dit bij Achab, we zien dit vaak bij kinderen, we zien het ook bij onszelf als we bijvoorbeeld de trein missen, iemand vóór ons een parkeerplaats zien inpikken, iets niet krijgen waarop we gehoopt hadden, als mensen ons teleurstellen,als dingen mislopen of anders gaan dan we wilden of verwachtten.  

2) boosheid vanuit onmacht  
Dit voelen we als we het gevoel hebben, geen vat te hebben op de situatie of op een ander. We zouden willen dat die persoon anders deed, maar dat gebeurt niet.  
Buren die lawaai blijven maken. Ons kind dat onhandelbaar lijkt, op onze zenuwen werkt.  
Eerst voelen we misschien irritatie, na een tijdje wordt dat boosheid.  
Of we voelen ons geleefd door omstandigheden.  
Voortdurende werkdruk, beperkingen die ons dwarszitten: een handicap, werkloosheid, een neiging of gewoonte in onszelf waar we maar niet van af geraken en die we ervaren als een overmacht.  
Of we zien dingen gebeuren waaraan we niets of weinig kunnen veranderen.  
Lijden of problemen bij mensen in onze omgeving, ziekte van je kind bijvoorbeeld.  

3) boosheid uit pijn  

a) boosheid als deel van pijn  
Veel dingen in het leven kunnen ons pijn doen. Iemand verliezen, door iemand die dicht bij ons staat gekwetst worden. Pijn maakt ons kwetsbaar en machteloos, en dat kunnen we soms niet aan. Soms wordt de pijn zo erg, dat je wel alles in elkaar zou timmeren, zou willen schreeuwen.  
Zo kan boosheid een aspect zijn van rouw. Rouw is iets waar een heel scala van gevoelens bij komt, ook boosheid.  

b) boosheid als omhulling van pijn  
Dit zie je bijvoorbeeld bij ruzies in allerlei relaties.  
Je voelt je gekwetst, niet erkend in je bedoelingen en je inzet, niet begrepen in je bedoelingen. Dat is de pijn die je voelt, maar pijn maakt kwetsbaar en je wil of kan op dat moment niet kwetsbaar zijn. Je wil dat die ander je serieus neemt in je gekwetstheid. En je gaat roepen of je loopt weg. Met je boosheid bescherm je je pijn.  

4) boosheid vanuit angst  
Je voelt je bedreigd door een ander of door een situatie. Je bent bang om afgekeurd of afgewezen te worden, om zwak gevonden te worden, om door de mand te vallen in hoe weinig je maar kunt of weet, of wat je terecht brengt van je leven. Soms komt hier ook veel schaamte bij zien. Eigenlijk voel je je heel onzeker, je weet niet hoe je voor jezelf kunt opkomen en toch rustig blijven. En je valt uit, of je begint te argumenteren, te discussiëren, en je geeft niet af. Je wil gelijk hebben.  
Deze vorm van boosheid zie je vaak in conflicten, discussies, machtsstrijd.  

5) boosheid bij grensoverschrijding  
Grenzen geven aan wat voor jou waarde heeft. Een land heeft grenzen, een persoonlijkheid heeft ook grenzen. Zonder grenzen weten we niet wat België is; zo wordt wie-we-zijn ook afgebakend door grenzen: waarden, normen, principes, voorliefdes, dingen waar je hart vol van is en die je belangrijk vindt. Met die grenzen bakenen we onze tijd af, stellen we prioriteiten, maken we keuzes, kunnen we "nee" zeggen. Grenzen kunnen stellen naar anderen toe in wat we allemaal willen en niet willen doen heeft alles te maken met zelfrespect, met iemand zijn.  
Als mensen over onze grenzen gaan, voelen we boosheid.  
Als een onbekende zomaar ons huis binnen zou komen, als onze kinderen zich maar niet aan onze regels houden, of brutaal doen, als mensen ervan uitgaan dat we voor hen beschikbaar zijn en nooit met onze beperkingen rekening houden, als een collega op het werk ons ongewenst seksueel benadert of intimideert ...  

Er is een belangrijk verschil tussen deze vorm van boosheid en de vorige. Als je boos bent uit angst en je bedreigd voelen, dan is dat, omdat je nog niet weet of niet durft te bepalen wie je bent -- je grenzen zijn nog niet duidelijk en je weet niet hoe je met grenzen kunt omgaan. Een land zonder grensbepaling heeft reden om zich bedreigd te voelen. Dan zoek je je toevlucht in boosheid, in gelijk willen hebben: boosheid uit (soms wanhopige) poging tot zelfhandhaving. Daarentegen, als je boos bent omdat je het gevoel hebt dat iemand "te ver" gaat, dan weet je, of voel je, in elk geval duidelijk wat "te ver" is. Je kent je grenzen en als iemand die niet respecteert, word je boos. Die boosheid is eigenlijk een vorm van zelfrespect, van opkomen voor jezelf.  
Deze vorm van boosheid ontbreekt vaak bij mensen die emotioneel, seksueel of in welk opzicht dan ook misbruikt worden. Ze hebben geen grenzen geleerd en een ander gaat over hen heen zonder dat ze die kunnen afweren.  

6) boosheid uit zorg  
Bijvoorbeeld als je je kind zich roekeloos ziet gedragen, of vindt dat hij of zij zich slecht verzorgt of verantwoordelijkheden niet opneemt en daarmee zich nare gevolgen op de hals haalt.  

7) boosheid bij opkomen voor rechtvaardigheid  
Als je onrecht om je heen ziet, als je iets voor je ogen ziet gebeuren wat je niet eerlijk vindt, als mensen met God spotten, dan kan je maag zich omdraaien en alles in je in opstand komen.  
Deze vorm van boosheid is het, die je energie geeft om te handelen.  
Zo vertelde Teo Van de Weele tijdens onze eerste studiedag rond incest en seksueel misbruik, dat hij zo was geraakt door al die verhalen van wat kinderen wordt aangedaan, dat hij enorm boos werd, en achter zijn typmachine kroop en een boek schreef, het boek "Dus ik ben niet gek". "Dat boek is in één grote golf van boosheid geschreven", zei hij.  
  

Al deze soorten boosheid hebben wel iets gemeenschappelijk: ze geven aan waarop je betrokken bent. Boosheid is een vorm van betrokkenheid ! Anders zouden de dingen je langs je kouwe kleren afglijden. We kunnen boosheid dus zo definiëren: boosheid is een gevoel dat vrijkomt als in jouw beleving iets wat je waardevol of belangrijk vindt geraakt wordt 
Boosheid is eigenlijk een energie, een kracht, een beweging (e-motie = beweging uit iets). Op zich is energie neutraal, maar de vraag is wat je ermee doet, of je weet (of wil leren) hoe je die opbouwend kunt hanteren.  
   

Hoe kun je met boosheid omgaan?  

a) Zoals boosheid in de bijbel genoemd en beschreven wordt en dus een plaats krijgt, zo hoeven wij onze boosheid ook niet weg te drukken of te negeren. Zoals alle emoties mag ook boosheid een plek krijgen als deel van het mens-zijn. Van alle emoties is boosheid bovendien die energie die je jezelf in je sterke kant doet kennen. Als je boos kunt zijn, kun je je bevrijden uit een slachtofferpositie -- je roept niet meer: "Ocharme ik !", maar "Ik wil dit niet !"  

b) In veel situaties word je boos voordat je erover na kon denken. Toch kun je er achteraf wel op terugkijken. Bij langerdurende omstandigheden is het goed om tijd te nemen om je op je boosheid te bezinnen. Boosheid is een emotie waaruit je veel kunt leren over jezelf, juist omdat het zoveel zegt over wat je belangrijk vindt.  

c) Boosheid is een kracht, en krachten kunnen we leren hanteren. Hoe doe je dat dan? Allereerst door die te leren kennen. Op het moment dat ik dit schrijf, stormt het buiten. Windkracht kan gebruikt worden als energiebron, mits men weet vanwaar die wind komt en hoe sterk die is. Zo is het ook met boosheid. Die soorten boosheid die we bekeken hebben, kunnen helpen om te onderscheiden, waar uw boosheid in een specifiek geval bij u uit voortkomt. Door je boosheid te onderzoeken, kun je terechtkomen bij een gevoel "daarachter", zodat je ontdekt dat je "eigenlijk" heel verdrietig bent, je kwetsbaar voelt of bang bent. Voelt u zich terwijl u boos bent misschien bedreigd, gaat iemand over een grens van u, voelt u zich gefrustreerd, machteloos, miskend of bezorgd, of aangedaan door onrecht? Zo kun je gaan zien wat het is waarin je je geraakt voelt, waarop je je betrokken voelt. En dat kan je helpen om positief naar je boosheid te kijken, als teken van betrokkenheid en kracht en als signaal van wat er in je omgaat. En dan kun je ook rechtstreekser met dat "achterliggende" gevoel aan de slag, eventueel met hulp van iemand bij wie u zich veilig voelt.  

d) Nu is het met boosheid wel zo dat die bij ons opkomt vanuit de manier waarop wij onze werkelijkheid bekijken. Hoe wij dingen ervaren, dat is onze "waarheid", dat is heel reëel voor ons, dat mag er zijn. Maar soms kun je óók nog op een andere manier naar die werkelijkheid kijken.  
Je kunt je bijvoorbeeld gekwetst voelen door een opmerking terwijl de ander die heel anders bedoelde. Veel ruzies komen ook voort uit misverstanden, of uit een gebrek aan zicht op hoe de ander zich erbij voelt of dingen ziet. Vaak hebben de ruziënde partijen al een tijd niet meer, of misschien nooit echt, met elkaar gepráát.  
Het is daarom belangrijk om je boosheid te toetsen. Ook bij ruzies en conflicten kan het, weliswaar niet gemakkelijk, maar wel bevrijdend werken als je ook naar je eigen aandeel kunt kijken: heb ikzelf misschien ook dingen gedaan die voor de ander kwetsend zijn en die ik in mijn boosheid eerder over het hoofd zou zien?  

e) Als christen hebben we de mogelijkheid om onze boosheid bij te schaven: we leren datgene waarover we boos kunnen worden ook af te stemmen op wat God belangrijk vindt 
God vroeg aan Jona: "Zijt gij terecht vertoornd?" omdat Jona zich druk maakte om een boom-van-één-dag terwijl God begaan was met een grote stad vol mensen en dieren.  
Dat afstemmen op God is iets wat we ons leven lang blijven leren (wie kent God volkomen?), maar wat ons wel een belangrijke richtlijn geeft in het omgaan met onze boosheid.  

Zo kan het bij sommige soorten boosheid, zoals boosheid om teleurstellingen en gekwetst zijn, nodig zijn om je boosheid wat meer in de hand nemen, in te dijken: milder, verdraagzamer, flexibeler te worden, meer incasseringsvermogen aan te leren, tegenslagen te relativeren. Je kunt naast die tegenslagen immers Gods zegeningen zien in situaties en in mensen om je heen.  

In andere situaties kun je juist van God léren om boos te worden, omdat je ook daarin Zijn kijk op dingen in je overneemt: boosheid om schade die mensen anderen aandoen bijvoorbeeld.  
Zo mogen mensen die misbruikt of mishandeld zijn leren, dat ze in Gods ogen waarde hebben en ook zelf hun eigenwaarde mogen opbouwen door boos te worden over wat hun is aangedaan, zoals God daar ook boos en ontzet over is. Dat zal bijdragen aan hun zelfrespect, zodat ze uiteindelijk zich van die pijn kunnen bevrijden, als ze zich ooit sterk genoeg voelen om die pijn los te laten.  

Vrouwen die moeite hebben om boos te worden of met boosheid, met sterk zijn, met grenzen stellen en voor zichzelf opkomen, mogen, als mede-beelddragers van God, alsnog leren, hun "boze", sterke, betrokken kant te ontwikkelen en een plek te geven (vgl. Spr. 31:10-31).  

Ook onze christelijke bewogenheid met de wereld mag iets van boosheid in zich hebben(het Griekse woord voor innerlijke ontferming, zoals Jezus die voelde, betekent letterlijk dat je ingewanden zich omdraaien). Boosheid die actief maakt, je aanzet tot het doen van het goede.  
Maar ook in dat actief worden kunnen we van God blijven leren, niet als een razende de wereld te willen omvormen, maar het kwaad te bestrijden en tegelijkertijd de mensen lief te hebben.  

f) Boosheid voelen is één ding, boosheid uiten is iets anders. In sommige seculiere therapieën leert men, boosheid eruit te gooien, zonder meer. Boosheid is echter een kracht die je moet leren hanteren, omdat die anders eerder schade kan doen dan goed. Soms kun je, door je boosheid te onderzoeken, bij je pijn uitkomen en mag je leren verdrietig zijn en huilen. Soms kun je via je boosheid opkomen voor jezelf, en daar kun je dan wel wat aanwijzingen uit de communicatieleer bij gebruiken (zoals bijvoorbeeld niet verwijtend over "jij" praten, maar in "ik-vorm" zeggen wat je zelf voelt en vindt). Soms kun je boosheid een andere uitlaatklep geven, in lichamelijke inspanning of aktieve inzet bijvoorbeeld. In elk geval is het beter, een passende omgang met je boosheid te zoeken dan die te onderdrukken, want op de ene of andere manier zoekt die toch haar weg.  
Misschien zegt u: ik word niet gauw boos. Fijn dat u dan toch dit artikel hebt doorgelezen ! Is boos-kunnen-worden nu verkeerd of goed? Waar kan het mee te maken hebben als u niet gauw boos wordt?  
Laat ik vooropstellen: gevoelens zijn gevoelens en niemand kan een ander opdragen of ontzeggen om iets te voelen. We reageren allemaal op onze eigen manier op situaties. Onze emoties geven belangrijke aanwijzingen over onszelf, die we kunnen inzetten om als mens te groeien naar Gods bedoeling met ons.  

Als u iemand bent die niet gauw boos wordt, dan kan dat te maken hebben met een gelijkmatig temperament, met een goed incasseringsvermogen, met een hoge mate van flexibiliteit, met mildheid voor anderen, met een gezond stuk zelfvertrouwen, zodat u zich niet gauw bedreigd voelt en uw grenzen goed kan aangeven. Daarnaast kan het ook zijn dat u moeite heeft met conflicten en die dus een beetje uit de weg gaat, dat u bang bent voor uw sterke kant of zelfs nooit hebt geleerd dat u zich mag weren of actief opstellen in het leven.  
   

Boosheid -- goed om bij stil te staan  

Boosheid is iets heel gecompliceerds. Het is me weer niet gelukt om een kort artikel te schrijven. Er zitten zoveel kanten aan.  
Maar wat is het een belangrijk, en verwaarloosd, onderwerp. Juist omdat boosheid zo krachtig is, kun je het maar beter een plek geven en er rechtstreeks mee omgaan. Wat hoop ik, dat dit artikel sommige mensen zal helpen, naar hun boosheid te kijken en ter hand te nemen en andere mensen zal aanmoedigen om te leren boos te zijn als deel van de weg naar zelfrespect.  

Ter overweging:  

1. Voorbeeldsituatie: uw bent oudste en uw dochter van 16 begint zich nogal vrij te gedragen: haar kledij wordt opzichtiger, ze gaat veel met jongens om, tijdens de samenkomst zit ze achterin met andere jeugd onrustig te doen. Op een dag ontdekt u dat ze rookt. U voelt een enorme boosheid.  
Welke soorten boosheid spelen hier zoal, welke soort boosheid zou bij u de overhand hebben?  
Hoe zou u uw boosheid uiten en hoe zou u ermee om proberen te gaan?  

2. Wat maakt boosheid zo'n beangstigend onderwerp? Ervaart u boosheid als iets om voor op je hoede te zijn? Welke bedenkingen of ervaringen spelen daarin mee?  

3. Heeft u een moment dat u boos was wel eens als bevrijdend en versterkend ervaren? Wat voor boosheid was dat en hoe ging u er op dat moment mee om? Was er iets dat u daarbij hielp?  

4. Welke plek zou boosheid kunnen hebben in onze gemeentes? Hoe kunnen mensen bijvoorbeeld hun vraagtekens of kritiek uiten, hoe kunnen we omgaan met conflicten? Wat kunnen we doen in onze eigen gemeente om hier wijs mee om te gaan?  
  

Petra Meyfroot  
 

*W.G. van de Hulst: Bijbelse vertellingen voor onze kleintjes, p. 145, 147. 

 
 
 
 

 

width=24
Nedstat Basic - Teller