AFSCHEID VAN HET 'MOETEN'
Bent u het soms ook zo zat ? Altijd maar aan van alles te moeten beantwoorden en met iedereen rekening te houden ? Zit het u soms ook tot hier om voor iedereen klaar te staan en aan je eigen behoeften nooit eens toe te komen ? Want wat moeten we een hoop. Op je werk moet je glimlachen naar de klanten, je collega's van dienst zijn, bereid zijn om alle nare klussen op te knappen. Van je chef moet je er altijd zijn en je werk voortdurend aanpassen aan zijn wensen en grillen. Nooit een steek laten vallen, in een werk dat 100% concentratie eist om 100% perfectie voort te brengen. Kom je thuis, dan vragen je partner en de kinderen 100% aandacht. Luisteren naar hun wensen en vragen. Je eigen vermoeidheid opzij zetten om eerst naar de winkel te gaan of een spelletje met de kinderen te doen. Even later gaat de telefoon. Je schoonmoeder aan de lijn. Ook zij verwacht aandacht en begrip voor haar klachten en vragen. Wanneer je denkt dat je even kunt gaan zitten om tv te kijken komt de buurman langs, of je even naar zijn auto kunt komen kijken want er zijn problemen.
En altijd weer denk je dat je er moet zijn voor de ander, en probeer je glimlachend in te gaan op alle verzoeken. Want je wilt graag iedereen te vriend houden en je denkt "het is toch redelijk wat ze allemaal van je vragen". Maar er komt een dag dat je het zat bent en denkt : "ja, maar wie heeft er oog voor mij, en wanneer kan ik eens aan mezelf toekomen, en wie staat er stil bij mijn wensen en verlangens."
Maar als je ernst maakt met je christen zijn, verdring je al deze wensen weer, en vind je van jezelf dat je egoïstisch bent en niet moet klagen. Dat anderen het veel erger hebben, en dat God vraagt dat je je kruis vrolijk draagt. Maar van binnen voel je je leeg, op en verdrietig. Je gaat je steeds routineachtiger gedragen en je komt er steeds minder toe om naar jezelf en je echte emoties te luisteren. Je contacten worden oppervlakkiger en je vult je innerlijke leegte met tv kijken of andere passieve bezigheden.
Maar is dit nu het echte leven ?
Zijn we hiervoor op aarde ?
Waarom moeten we zoveel en voelen we er ons diep ongelukkig door ? Ik heb zelf een streng calvinistische opvoeding gehad. Alles stond in het teken van de ernst van de eeuwigheid en dat ons leven hier slechts een korte voorbereiding daarop was. Als kind voelde je daarom weinig ruimte voor genot, plezier en zelfontplooiing. Want in wezen was je slecht en moest je door ernstig te leven en van godsdienst je hobby te maken ervoor zorgen (en vooral hopen !) eens bij de uitverkorenen te geraken. De ellende was dat dit een eindeloze weg was, waarop je nooit zeker wist wanneer je er geraakte en of je nu wel goed bezig was.
Door deze opvoeding voelde ik honderden moetens op me afkomen (variërend van zoveel mogelijk naar de kerk gaan, wereldmijding en naar iedereen braaf en oppassend overkomen). En wie ik was, wenste of droomde deed niet ter zake. Maar niet alleen in mijn eigen leven, ook in vele andere levensverhalen (met een andere of niet-godsdienstige achtergrond) hoorde ik deze zelfde druk. Bijvoorbeeld kinderen die uit een zelfstandigenmilieu komen. De zaak was vaak zo belangrijk, dat alles eraan ondergeschikt was. Dag en nacht moest iedereen meehelpen. Ter wille van de klant altijd vriendelijk en beleefd zijn. Je netjes gedragen, want wat zullen de anderen er wel niet van zeggen. Ook zo'n opvoeding is er één met vele moetens'.
Andere scenario's kunnen te maken hebben met verwachtingen die van generatie op generatie worden worden doorgegeven. Bijvoorbeeld zorgen voor de hulpbehoevende ouders. Of het beroep van vader overnemen. Moetens waarbij geen ruimte is voor de eigen wensen en mogelijkheden van het kind.
Hoeveel volwassenen springen later niet uit de band om zich te bevrijden van de moetens' uit hun jeugd. Maar niet alleen onze opvoeding, het zijn ook de algemene opvattingen in onze maatschappij die er toe bijdragen dat we ons aan handen en voeten gebonden voelen. Onze kinderen worden er al snel mee geconfronteerd, dat wat zij kunnen en waard zijn in cijfers wordt uitgedrukt. Op hun rapport kunnen ze precies aflezen wat dit cijfer betekent tot de resultaten van de anderen.
Een andere algemene opvatting is, dat we het zelf moeten maken in het leven. We dienen zelf voor ons pensioen te zorgen, zelf onze verzekeringen af te sluiten. En als je het moeilijk hebt, is er de officiële hulpverlening, maar val je omgeving er niet mee lastig. Je omgeving verwacht dat je je netjes en aangepast gedraagt en voor niet veel problemen zorgt. Maar wat betekent dit voor mensen die tegen hun wil erkloos worden of ernstig ziek ?
Moetens en ideaalbeelden.
Zoals boven reeds vastgesteld, hebben veel mensen last van deze moetens', en die worden niet alleen bepaald door het soort opvoeding of milieu waar men uitkomt. Wat is dan de overeenkomst en waar ligt het dwingende in ?
In al deze moetens spelen ideaalbeelden mee. Ideaalbeelden vanuit de samenleving en cultuur waarin we leven. Maar vooral de ideaalbeelden waar onze ouders mee zaten toen ze ons aan het opvoeden waren. Deze beelden en moetens zijn erg belangrijk, omdat we als kind erg kwetsbaar zijn. We hebben geen verweer en verkeren in de onmogelijkheid om deze ideaalbeelden en de daaraan verbonden moetens ter discussie te stellen.
Laten we echter vooropstellen dat deze ideaalbeelden positief en nodig zijn. Als onze ouders geen verwachtingen of doelen hadden, zouden ze ons een zin- en normloze opvoeding hebben gegeven. Juist het appèl en de verwachting die naar ons toekomt doet ons groeien naar zins- en verantwoordelijkheidsbesef.
Het negatieve komt pas, wanneer blijkt dat er geen onderhandeling over mogelijk is. En je dus veroordeeld bent, of afgewezen wanneer je niet 100% aan de norm beantwoordt. Onderhandeling kan er bijvoorbeeld zijn, wanneer ouders zien, dat hun kinderen in een andere tijd leven dan zij geleefd hebben. Of dat normen niet altijd 100% gehaald kunnen worden. Naast het gemis aan onderhandeling, speelt er vaak mee dat de boodschappen die via de moetens op ons afkomen, tegenstrijdig zijn.
Bijvoorbeeld als tegen je gezegd wordt : "wees spontaan" of dat je iets vrijwillig moet doen. Of erger nog dat je met de vele moetens het gevoel krijgt dat je er wel moet aan voldoen, maar dat dat tegelijk geen echte waarde voor God of iemand heeft.
Wat ervaren we nu als erg aan al die moetens die zowel vanuit onze jeugd als onze omgeving op ons afkomen. Ten diepste doen ze zoveel pijn, omdat ze geen recht doen aan onze echte verlangens. Er wordt voorbijgegaan aan wat wij willen. Wat bij ons past. Waar wij in erkend, in begrepen willen worden. We hebben allemaal het idee dat we een unieke plaats in dit leven hebben in te nemen. En wanneer we geen ruimte ervaren om hiernaar op zoek te gaan, blokkeren we onszelf in onze persoonlijke groei.
Ons besef dat we iemand zijn verdwijnt steeds meer naar de achtergrond en we gaan steeds functioneler leven i.p.v. persoonlijk. Om gezond te leven en vooral iets te begrijpen wat het leven in vrijheid is dat God voor ons bedoeld heeft, moeten we hierbij stilstaan om ons te kunnen bevrijden van al deze moetens. Zolang we dit niet doen gaan we of compenseren of we leven een geforceerd leven, waarin we op de duur verbitterd en ontgoocheld worden, omdat dit niets oplevert aan erkenning en begrip.
Hoe nemen we afscheid van onze moetens.
Hoewel dit waarschijnlijk weer voor iedereen anders zal liggen, wil ik een aantal gedachten aangeven die mij erg geholpen hebben en misschien u wat op gang kunnen zetten.
Het eerste waaraan ik denk is een vraag die iemand mij eens stelde : Gerrit, wat wil je zelf, wanneer je luistert naar je diepste innerlijk ?
Voor mij was dat tot toen een wat onwezenlijke vraag. Ik was gewend naar anderen te luisteren en wat ik wilde, mocht eigenlijk niet bestaan.
Maar ook in de bijbel herkende ik deze vraag : Jezus vroeg aan Bartimeus "Maar wat wilt gij, dat Ik u doen zal ?" Veel christenen projecteren ook deze moetens op God. En wanneer ze niet aan allerlei moetens beantwoorden, voelen ze zich schuldig en denken dat God hen veroordeelt.
Maar het evangelie is juist een boodschap van vrijheid. Jezus riep de mensen op om los te komen van hun ouders en Hem te volgen. Een merkwaardige opvatting die veel onder evangelische christenen circuleert is deze : God wil altijd datgene, wat wij niet willen en wat wij willen is juist datgene wat God niet wil. Dit is het onjuiste idee zoals Buskes het noemt, dat God en de mens elkaars concurrenten zouden zijn.
Integendeel, God en de mens zijn juist bondgenoten. Een prachtig voorbeeld vind ik de ontmoeting tussen Abraham en God. Waarin de eerste opkomt voor zijn wens om Lot en zijn familie te sparen. Paulus roept ons op om onze wensen bekend te maken bij God. Onze wensen zijn legitiem, gerechtvaardigd. Want Hij heeft ons geschapen met behoeften als verlangen naar erkenning en ontplooiing. De behoeften om tot onze unieke bestemming te komen, zelf ons leven te leiden en te ontdekken wat onze taak en roeping is.
Een tweede gedachte die mij geholpen heeft is deze:
Ik ben niet van de ander.
Ik ben niemands eigendom (behalve van mijn Schepper). Geen enkel mens kan mij claimen of voor zich opeisen. Jezus trad hard op tegen de geestelijke leiding van die tijd, die heerschappij over het volk probeerde uit te oefenen. Hij ontnam hun deze bevoegdheid, en riep de mensen openlijk op om bij Hem en Zijn hemelse Vader te komen. Eén van de sterke (zondige) mogelijkheden van de menselijke relaties is om macht over elkaar uit te oefenen. Dit kan openlijk, maar heel vaak gaat dit via manipulatie.
Bijvoorbeeld een zieke moeder die tegen haar kind zegt : jij bent de enige die dit voor mij kan doen. Het herkennen van deze manipulatie en het beschermen van je grens is nodig om je hiertegen te bewapenen. Onszelf niet respectvol behandelen en je grenzen niet bewaken is ook zonde.
Een derde gedachte is deze :
niet wat achter ons ligt is het belangrijkste, maar wat komen gaat.
Iemand zei eens tegen mij : Kijk niet langer achterom, maar zie naar datgene waar God met jou naar toe wil. Dit is het hoopvolle van het evangelie : vooruit durven zien. Het verleden loslaten en de toekomst aandurven.
Van moetens kun je je bevrijden om datgene te doen wat bij je past en wat je ligt. Wat zetten we ons vast, als we denken dat we door onze opvoeding of gemiste kansen in het verleden nu verder geen kansen hebben. Vandaag is de eerste dag van je verdere leven. Een optimistische slogan ? Ja, maar met een bijbelse bodem. In Christus zijn we vrij. Vrij om je eigen verleden te evalueren, maar ook vrij om aan je eigen idealen verder te werken.
Conclusies :
Als je echt bevrijdt wilt worden van alle moetens', komen we toch bij Jezus uit. Ik zeg toch', want godsdienst werkt lang niet altijd bevrijdend. Ik heb ontdekt dat evangelische christenen in het hanteren van regels en wetten niet hoeven onder te doen voor hun calvinistische broeders en zusters. Alleen de persoonlijke relatie met Jezus Christus maakt ons vrij.
Van Zacheus staat er dat hij vanwege de vele mensen Jezus niet kon zien. Ik denk dat veel mensen vandaag Jezus niet kunnen zien, door de vele christenen die er om heen staan. Een persoonlijke relatie met Jezus, omdat alleen de overgave aan een nieuwe autoriteit ons vrijmaakt van de ander.
Bob Dylan zingt in één van zijn liedjes : You have to serve somebody : d.w.z. je dient altijd iemand. Er is altijd wel iets of iemand die gezag over je heeft. Jezus maakt ons vrij van onze ouders en familie (n.b. een voorwaarde om christen te worden), vrij van aards gezag, wanneer we ons aan Hem geven.
Het eerste wat Hij dan doet (zoals iemand het eens prachtig verwoordde) is ons aan onszelf teruggeven. Dit is tussen haakjes het grootste verschil tussen Jezus Christus en alle godsdiensten. Wij mogen Hem volgen, maar op onze manier. We mogen Zijn boodschap verkondigen met onze eigen creativiteit en ons eigen accent.
Maar er is nog een reden waarom we Jezus nodig hebben. Door de vele moetens in ons leven gaan we compenseren, komen er andere autoriteiten met nieuwe moetens. Dit kan komen door te vluchten in bv alcohol, een egoïstisch misbruik van de seksualiteit, of je afhankelijk te maken van materiële zaken enz. Deze zondige moetens zullen uiteindelijk ons leven vernietigen en maken bevrijding noodzakelijk. Jezus bevrijdt ons hiervan door ons niet te veroordelen en ons wakker te maken voor onze echte bestemming. Want alleen het vinden van je levensplan en de zin ontdekken van je bestaan geeft blijvende vreugde. Dit voorkomt om van nieuwe moetens' afhankelijk te worden. Op het gevaar af goedkope slogans te lanceren wil ik afronden met de volgende conclusie : Mensen die niets moeten, mogen veel !
Gerrit Houtman |