april 2000
Ruim 40% van depressieve mensen zoekt geen hulp
De Depressie Stichting heeft het NIPO opdracht gegeven onderzoek te verrichten naar inzichten omtrent depressie in de Nederlandse samenleving. Tweeduizend mensen van 16 jaar en ouder, een representatieve steekproef uit de bevolking, werden geïnterviewd. Hierbij stonden twee aspecten centraal: de kennis over en de houding ten aanzien van depressie.
Volgens recente gegevens van de WHO lijden over de hele wereld 340 miljoen mensen aan depressie. In Nederland zijn dit er, volgens het Nederlands Huisartsen Genootschap, op een willekeurig moment gemeten, ruim 500.000. Eén op de vijf Nederlanders zal in zijn of haar leven een depressie doormaken. Als men één keer een depressie heeft gehad, is de kans om opnieuw depressief te worden 80%. Uit de praktijk blijkt dat bij eenderde van de mensen die de stap naar de hulpverlening zet, de diagnose wordt gemist. Bij de mensen bij wie de ziekte wel wordt herkend, vindt niet altijd de juiste behandeling plaats.
Hoofdkenmerken van depressie bij de helft van de Nederlanders niet bekend De twee belangrijkste kenmerken van depressie: een sombere, neerslachtig stemming en het verlies van interesse en plezier, zijn slechts bij de helft van de Nederlanders bekend. Mensen van 60 jaar en ouder zijn het minst bekend met de kenmerken van depressie, terwijl 30- tot 40-jarigen er het meeste inzicht in hebben. Eén op de zes Nederlanders kent geen enkel kenmerk van depressie. Ondanks deze grote onbekendheid beschouwt tweederde van de Nederlanders depressie als een ziekte die niet vanzelf overgaat.
1 | Bekendheid met de twee hoofdkenmerken van depressie
totaal 16-29 jaar 30-39 jaar 40-49 jaar 50-59 jaar 60+ sombere, neerslachtige stemming 56% 64% 66% 54% 51% 44% verlies van interesse en plezier 52% 58% 58% 51% 52% 39% met geen enkel kenmerk bekend 16% 10% 12% 15% 23% 22%
Een kwart van de Nederlanders heeft minstens één keer in zijn leven een depressie gehad Ook dit onderzoek bevestigt dat depressie vaak voorkomt. In tegenstelling tot wat men vaak beweert, blijkt depressie even vaak voor te komen bij mannen als bij vrouwen. Depressie blijkt het meest voor te zijn gekomen bij vijftig- tot zestigjarigen (35%). Eénderde van de Nederlanders kent één of meer personen met een depressie in de directe omgeving. Mensen die zelf een depressie hebben of meegemaakt hebben, signaleren vaker depressieve mensen in hun omgeving.
2 | Mensen die ooit een depressie gehad hebben
geslacht leeftijd mannen 24% 16-29 jaar 19% vrouwen 29% 30-39 jaar 29% 40-49 jaar 29% 50-59 jaar 35% 60+ 25%
Ruim 40% van de mensen met een depressie, zoekt geen hulp Door ruim vier op de tien mensen met een depressie wordt geen hulp gezocht bij huisarts, algemeen maatschappelijk werk of RIAGG. Het gaat hierbij met name om ouderen, mensen met kinderen en mensen die depressie niet als een ziekte maar als een zwakte zien. Ook mannen geven vaker aan bij een depressie zelf eerst naar een oplossing te zoeken. Bijna de helft van de mensen onder de veertig jaar ziet rust als een goede behandeling voor depressie. Bij de mensen die wel hulp zouden zoeken, wanneer zij een depressie zouden krijgen, geniet de huisarts in het algemeen de voorkeur. De personen die echter eerder een depressie meemaakten zien de huisarts veel minder als de aangewezen persoon voor de behandeling.
Eénderde van de Nederlanders weet dat depressie te behandelen is met medicijnen. Toch ziet slechts 4% medicijnen als de beste behandeling van depressie; 3% ziet het RIAGG als beste behandeling en 4% het algemeen maatschappelijk werk. De meerderheid zie het voeren van gesprekken met huisarts, psycholoog of psychiater als de beste therapie.
Invloed van depressie op de directe omgeving Met name de 30- tot 40-jarigen geven aan dat een depressie nadelige gevolgen kan hebben voor de relatie met familie, vrienden en collega's op het werk. Jongeren van 16 tot 30 jaar benadrukken vaker de gevolgen van een depressie op de relatie met vrienden of kennissen. De groep zestig-plussers geeft aan dat een depressie minder vaak nadelige gevolgen heeft op de sociale omgeving.
(NIPO-onderzoek, computergestuurde face-to-face-interviews, personen van 16 jaar en ouder, week 40 en 44, respectievelijk n=981 en n=1008) Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: dr. V.J.M. Pop, huisarts, tel: 040 204 16 20 of 040 204 34 00 of de Depressie Stichting, Postbus 163, 5600 AD EINDHOVEN bureau: drs. A.J.M.L. van Geleuken, psycholoog, tel/fax: 0497 517 919